Motivatie voor school duikt de dieperik in: ‘Leerlingen weten gewoon niet meer wat een vol uurrooster is’

Leerachterstand of geestelijke gezondheid het grote probleem in het onderwijs? Volgens de leerkrachten alvast niet. Driekwart van hen zegt dat leerlingen in het secundair met motivatieproblemen sukkelt. ‘Ze weten niet meer wat een vol lessenrooster is.’

Het is puur toeval. Net op het moment dat we de vierdejaars grafische media van het Don Bosco Instituut in Halle bezoeken om het over motivatie te hebben, geeft leerkracht Nederlands en Frans Sabrina De Clercq (34) hen een opdracht: schrijf een fictieve motivatiebrief.

“Of hij al af is?” Kasper Trojanowski (18) klikt glimlachend het scherm op zijn computer dicht. De bel voor de speeltijd gaat over enkele minuten maar doorwerken tot aan het gaatje gaat hij niet doen. “Ik zit halfweg. Maar we hebben nog een week voor hij binnen moet”, verzekert hij ons. De vraag is nauwelijks over onze lippen of hij knikt al instemmend: “Ja, mijn motivatie voor school is gezakt.”

Veel klasgenoten beamen dat. “Het was na de kerstvakantie dat ik voelde: het wordt zwaarder”, zegt Wannes Boucquiaux (15). “Niet dat ik mijn taken niet meer maak. Maar ik kan me moeilijker opladen om te beginnen met werken, terwijl dat vroeger moeiteloos ging. Ik ben veel te snel afgeleid.” Boucquiaux en zijn vriend Arne Nieradko (15) geven grif toe dat het soms gewoon lastig gaat.

Directeur Ludwig Vlogaert zei het eerder al aan de telefoon, in januari. “De identiteit van onze school raakt een beetje verloren tussen alle quarantaines en afstandsonderwijs in.” De Clercq treedt haar directeur bij. “De leerlingen zijn hun structuur en discipline wat kwijtgeraakt”, zegt ze. “Ze studeren vooral minder of dienen hun taken niet in. ‘Was dat dan tegen vandaag mevrouw?’, zeggen ze dan.”

Donderen door de gangen

Leerlingen zijn ook iets rumoeriger. Hoewel hij er “geen cijfers op kan kleven”, heeft graadcoördinator Jeroen Hofmans wel het gevoel vaker dan vroeger leerlingen in zijn bureau te krijgen vanwege tuchtproblemen.

Het zit soms in de details. De afspraak op het Don Bosco in Halle is dat leerlingen na het belsignaal in de rij staan en vooral dat ze daarna zwijgend naar de klas stappen. Die regel gaat al jaren mee.  “Het is iets waarop we niet graag toegeven”, zegt Vlogaert. “Maar dit jaar merken we dat leerkrachten die strijd hebben opgegeven: af en toe donderen de leerlingen door de gangen, hoewel ze goed weten dat het niet de bedoeling is.”

Maar er zijn ook grotere gevolgen: de punten. “Met Kerstmis hebben we in het derde jaar 6 procent minder voorlopige A-attesten uitgedeeld dan andere jaren”, zegt Hofmans. “In het vierde jaar is dat zelfs 16 procent minder dan voor corona.”

Wannes Boucquiaux en Arne Nieradko. ©Tim Dirven

Probleem van secundair

Op andere scholen herkennen ze de problematiek. Dat blijkt uit een bevraging van TeacherTapp, de app van de Arteveldehogeschool waarin zo’n 1.500 leraren en directeurs dagelijks vragen over het onderwijs beantwoorden. Eind januari gaf 51 procent van de leerkrachten daar te kennen dat vooral motivatie een probleem was bij leerlingen. Opvallend: dat is fiks meer dan leervertraging (20 procent) en mentale gezondheid (20 procent), ondanks alle aandacht van media daarvoor.

Twee maanden later, in maart, is het aantal leerkrachten dat zegt zich zorgen te maken over de motivatie van hun leerlingen gestegen tot 62 procent. “We weten dat motivatie sowieso een knik krijgt bij 15- tot 16-jarigen”, zegt pedagoog Pedro De Bruyckere, die de app mee in goede banen leidt. “Maar nu valt toch op dat het om een grote groep gaat én dat het erger wordt.”

Vooral in het secundair lijken leerlingen met hun motivatie te worstelen: 18 procent van de kleuterleerkrachten zeggen dat motivatie een probleem is. In het secundair is dat 74 procent. Het zijn vooral de A-stroom (88 procent) en het tso (81 procent) waar leerkrachten vermoeden dat leerlingen motivatie verliezen.

“Sommige van de richtingen hier in het tso dragen de reputatie met zich mee dat leerlingen er vooral terechtkomen omdat het niet lukt in het aso”, zegt Vlogaert. “De helft van hen vindt hier opnieuw de nodige motivatie. De andere helft moddert wat aan. Dat is versterkt door corona.”

Directeur Ludwig Vlogaert. ©Tim Dirven

Vol uurrooster

Lang moeten Boucquiaux en Nieradko niet nadenken over een oorzaak voor die verminderde motivatie: het vele schakelen tussen schoolbanken en afstandsonderwijs de voorbije schooljaren en sinds dit jaar ook het lerarentekort. “We hebben echt veel studie”, zegt Nieradko. “Onlangs hadden we eens twee vrijdagen na elkaar maar één uur les.” De ruime meerderheid van die dag bracht de klas door in de refter, met studie. “Je dan concentreren voor dat ene lesuur is echt moeilijk”, zegt Boucquiaux.

Het leidt er in Halle toe dat leerlingen proberen hun schooldag zoveel mogelijk in te korten. Als ze weten dat de leerkracht tijdens de eerste twee uur afwezig is, dagen ze gewoon niet op. Of wanneer een leerkracht afwezig is de laatste uren vragen ze om vroeger naar huis te mogen. “Ze zien het intussen als een recht, terwijl het eigenlijk een gunst is die we verlenen”, zegt De Clercq. “Leerlingen weten gewoon niet meer wat een vol uurrooster is.”

Niet dat ze panikeren in het Don Bosco Instituut. “Dat komt wel weer goed tegen het einde van het schooljaar”, zegt Vlogaert. “Maar het is een goede zaak dat de school steeds meer weer tot leven komt nu er minder quarantaines zijn en het afstandsonderwijs wegvalt.” Ook hoopt hij dat de klasuitstappen en studiereizen die sinds kort opnieuw mogelijk zijn, “een nieuw elan geven”.